Regelgeving beheer speeltoestellen


Gepubliceerd: 01/08/2019

Aan welke wettelijke verplichtingen moet u, als beheerder van speeltoestellen, voldoen?

Volgens de Nederlandse wet (Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen of Was) moeten speeltoestellen in de (semi-)openbare ruimte veilig zijn. Als verantwoordelijke van speeltoestellen koop je goedgekeurde speeltoestellen. Je hebt de verantwoordelijkheid dat deze speeltoestellen goed geplaatst worden met de juiste ondergrond. Goed beheer zorgt ervoor dat een veilig speeltoestel veilig blijft. Dit houdt in: dat er een beheersplan is, dat de toestellen volgens dit plan regelmatig gecontroleerd worden, dat zij goed onderhouden worden en dat deze activiteiten bijgehouden worden in een logboek. Met behulp van de stappen in deze folder kun je jouw speeltoestellen makkelijk en goed beheren en maak je aantoonbaar dat je aan de wettelijke verplichtingen voldoet. Ga aan de slag!

VeiligheidNL heeft in samenwerking met de NVWA een stappenplan/beheersplan voor het goed beheren van speeltoestellen, zodat u aan de wet voldoet.

Certificering
Het toestel moet gecertificeerd zijn. Is dit niet het geval, dan moet de beheerder het voor in gebruik name laten keuren door een door de minister aangewezen keuringsinstelling (AKI). Speeltoestellen die al vóór 26 maart 1997 in gebruik waren, behoeven geen typekeuring te ondergaan door een AKI. De beheerder moet zich er dan wel van vergewissen dat het speeltoestel veilig is.

Veilige installatie
Een speeltoestel moet deugdelijk gemonteerd en veilig geïnstalleerd worden. Hierbij hoort ook een veilige omgeving zonder obstakels in het valgebied en een voldoende valdempende ondergrond. Dit betekent dat er geschikt bodemmateriaal met voldoende valdemping moet worden gebruikt. U leest meer hierover bij bodemmaterialen.

Onderhoud
Speeltoestellen moeten veilig onderhouden worden. Goed onderhoud voorkomt onveilige situaties. Het wordt dus preventief gedaan. Onder onderhoud wordt iets anders verstaan dan het uitvoeren van reparaties. Onderhoud is bijvoorbeeld het aandraaien van bouten en moeren, het smeren van lagers, het controleren of de kettingen nog lang genoeg zijn, het controleren van de laagdikte van de ondergrond. In de meeste gevallen zet de producent al in het logboek of actueel dossier wat de kritische punten zijn waarnaar gekeken moet worden bij het onderhoud.

Inspectie
Speeltoestellen moeten regelmatig geïnspecteerd worden. De beheerder controleert of gebruik van het toestel nog steeds veilig is. Met de resultaten van deze inspecties moet ook beoordeeld worden welke acties ondernomen moeten worden voor het veilig houden van het toestel. De benodigde reparaties of herstelwerkzaamheden moeten ook daadwerkelijk uitgevoerd worden, binnen een verantwoorde tijdsduur.

De beheerder kan de controles ook uitbesteden aan een inspectiebureau. Wanneer een beheerder ervoor kiest om de inspecties uit te besteden aan een inspectiebureau moet hij voorkomen dat de typekeuring opnieuw wordt gedaan. Geeft u daarom de opdracht mee aan een inspectiebureau om alleen te controleren op zaken van installatie en onderhoud.

Logboek of actueel dossier
De beheerder van speeltoestellen kan voor elk speeltoestel een logboek of actueel dossier bijhouden. De beheerder toont hiermee zijn zorg voor de veiligheid van het speeltoestel aan, en maakt hiermee het beheer voor zichzelf inzichtelijk. Ook is het een hulpmiddel voor de controlerende ambtenaar. Het is daarom wenselijk dat het logboek of actueel dossier op de locatie aanwezig en beschikbaar is.

Het logboek of actueel dossier kan per toestel de volgende informatie bevatten:

Identificatie van het speeltoestel:

  • naam en adres van de eigenaar van het toestel
  • naam en adres van degene die het toestel beheert
  • beschrijving van het speeltoestel, bij voorkeur met foto
  • naam van de fabrikant of importeur
  • bouwjaar
  • serie-of typeaanduiding
  • het serienummer, voor zover van toepassing

Aantekeningen betreffende de inspecties en het onderhoud:

  • datum en tijdstip van de inspectie en het onderhoud en gegevens over de uitvoerder
  • geconstateerde gebreken of veranderingen in de staat van het toestel en de reparateur
  • vervanging van belangrijke onderdelen en gegevens over de leverancier van deze onderdelen

Gegevens over ongevallen die verband houden met het toestel:

  • de oorzaak of de vermoedelijke oorzaak
  • opgetreden persoonlijke letsel
  • de maatregelen die de beheerder na het ongeval heeft genomen om herhaling te voorkomen
Resultaat of gewenst resultaat

Goed en efficiënt beheer van speeltoestellen

Documenten
Veelgestelde vragen
  • Wanneer valt een toestel onder de wet voor speeltoestellen?
    Alle speeltoestellen op (semi-)openbaar terrein vallen onder deze wet (Was). Een speeltoestel op bijvoorbeeld het eigen terrein van een restaurant, kinderopvang of sportclub valt ook onder deze wet. Alleen een speeltoestel dat, voor privégebruik, in de eigen achtertuin van een woonhuis staat, valt niet onder de wet voor speeltoestellen.
  • Wanneer ben ik de beheerder van het toestel?
    In principe is de eigenaar/huurder van de grond onder het toestel verantwoordelijk voor de veiligheid. Soms wordt die verantwoordelijkheid overgedragen aan anderen (een school, speeltuin- of sportvereniging). Zorg dat dit goed geregeld is en duidelijk op papier staat
  • Wanneer is iets uit de natuur een speeltoestel?
    Een boom is geen speeltoestel, maar een boom die bewerkt is om er op te kunnen spelen is wel een speeltoestel. Natuurlijke elementen die niet onder deze wet vallen moeten natuurlijk ook veilig zijn. Kijk bij twijfel op www.vwa.nl (zoek op “speelbossen”)
  • Kan een inspectiebureau een toestel “herkeuren”?
    Nee, een inspectiebureau helpt je met de jaarlijkse inspectie op slijtage. Het toestel heeft bij de fabrikant al een typekeuring gekregen. Dat hoeft een inspectiebureau niet nogmaals te doen. Geef dit vooraf duidelijk aan als je inspectiebureau inhuurt.
  • Hoe zorg ik dat mijn toestellen veilig geïnstalleerd zijn?
    De fabrikant geeft bij toestellen aan wat de eisen voor veilige installatie zijn. Daarbij moet bijvoorbeeld aangegeven zijn hoeveel ruimte er om het toestel moet zijn en wat voor ondergrond geschikt is. Controleer dit direct na installatie.
  • Wat moet ik doen met toestellen die geen keuringsplaatje/certificaat hebben?
    Een toestel van vóór 1997 hoeft geen keuringsplaatje te hebben. Zo’n toestel moet wel veilig zijn. Ga bij een toestel van na 1997 bij de fabrikant of keuringsinstantie na of het toch een typekeuring heeft. Laat anders het toestel alsnog keuren.

Tags: Regelgeving speeltoestellen veiligheid stappenplan